Art 26
Onderzoek van het Ginga kinubali patroon bij de guppy
RUBRIEK: Guppy Kweek           Geplaatst op 20 juli 2022

Lap, daar hebben we het al: daar gaat mijn zelfverklaarde dronkemanseed. DIT is dus het (voorlopig) allerlaatste artikel over guppen. Aanleiding ertoe was de vraag over de autenticiteit van aangekochte guppies. Het betrof gin-ga's -voluit ginga kinubali, die destijds het kweekprodukt waren van de Japanse kweker Kenjiro Tanaka. Zijn naam googelen zal helaas niets op-leveren: de beste man is ondertussen overleden, en zijn site is van het Net gehaald, zodat je hooguit als resultaat een Japanse baseballspeler met de-zelfde naam krijgt. De vergankelijkheid van het bestaan weerspiegelt zich heden ten dage, in de mate waarop men op het Internet al dan niet meer te vinden is. Tanaka's naam blijft verbonden aan de guppen die hij heeft ge-kweekt, maar er zijn geen publikaties meer over hem terug te vinden; mis-schien in Japan, maar hier alvast niet. Zijn ginga's zijn zijn nakomelings-schap.

Tanaka noemde zijn gekweekte stam -letterlijk vertaald "rijstgebakje"- naar alle waarschijnlijkheid naar de mooi versierde cupcakes die in Japan als nagerecht de tafels sieren. Ik weet niet of ze met rode strepen versierd werden, maar de foto hierboven links is het beste wat ik heb kunnen vin-den, dat in mijn verbeelding het beeld kan benaderen. Want de ginga gup-py, is een kleinnood met vertikale rode strepen op het achterlichaam. Deze strepen staan netjes evenwijdig aan elkaar, en hebben een regelmati-ge dikte, zodat ze als het ware schijnen te zijn "geschilderd" met een pen-seel. Ze blijken precies met zorg kaligrafies te zijn aangebracht, zoals dat in de Oosterse kultuur betaamt.

Om te begrijpen waarom deze rode strepen het best uitkomen bij de blonde (=goudkleurige deklaag) gup, volstaat het om beide foto's van hiernaast met elkaar te vergelijken. Konstateer zelf waarom een rode roos zoveel beter uitkomt op een gouden schaal (=de zon); en een blauwe roos op een zilveren (=de maan). Om in Oosterse begrippen te formuleren: rood en goud zijn yang (aktief, uitstralend, mannelijk,..) terwijl blauw en zilver yin zijn (passief, opnemend, vrouwelijk,....). De rode strepen komen dus beter tot hun recht bij de blonde ginga dan bij de grijze ginga.

De rode ginga -ginga rubra- maakte in de jaren 80 furore, want sprak het meest tot de verbeelding door zijn flamboyante verschijning. Het is geen publiek geheim dat Tanaka zijn stam heeft bekomen door guppen met end -lers te kruisen. Het Zebrinus-patroon bij guppen is immers minder dik en minder gelijkmatig. Vergelijk de strepen bij de King Cobra en de Wiener Smaragd met die van de ginga, en je zult begrijpen wat ik bedoel. Het stre-penpatroon bij endlers is dikker en gelijkmatiger, zoals blijkt bij de Yellow Tiger bijvoorbeeld. De hybridisatie met endlers gebeurde volop in de jaren 80, omdat de guppykweek begon leeg te bloeden en men eigenlijk al alles uit het geneties materiaal van de gup gehaald had. Inkruisen van endler-patronen en kleuren, bracht een nieuw élan in de guppykweek.

De ginga rubra werd een groot succes, en van heinde en verre wou iedereen van Tanaka een paar vissen bemachtigen. Dat was toen, maar sindsdien zijn de nieuwigheid en de sensatie ervan flink geluwd. En wel om een paar duidelijke redenen. Primo heeft elke zichzelf respekterende guppykweker deze stam al eens gekweekt. Secundo, en zoals dit altijd het geval is wan-neer de trend is overgewaaid: en wat nu? Zoals elke stam is deze stam im-mers ook onderhevig aan regressie-verschijnselen: bij nakweek begint de stam beetje bij beetje zijn geijkte eigenschappen te verliezen. Dat is een volkomen natuurlijk proces: de kweker voert door selektie een vernau-wing van het erfelijk materiaal tot een welbepaald genotype en gekozen fe-notype door, terwijl de NATUUR deze verarming probeert te pareren door dit terug open te breken naar de wildvorm met een ruimer erfelijk poten-tiëel. Bovendien: door van kweker op kweker over te gaan, werden ook wel eens minderwaardige of flauwe exemplaren voor de real stuff verkocht, zodat de kwaliteit van de ginga erop achteruit ging. En wie zou dat checken of kontroleren, als Tanaka er zelf niet meer was?

Maar tot spijt van wie het benijdt, kunnen deze kriteria ook vandaag nog steeds opgesteld worden door een een zorgvuldig onderzoek naar de roots van de ginga-stam, en van daaruit te snappen wat er verkeerd kan lopen. Belangrijk zijn: het aantal strepen (variërend van 4 tot 6) alsook hun lengte. Wanneer deze strepen in aantal beginnen af te nemen of wanneer hun lengte begint te krimpen tot vlekken die even breed als lang zijn, dan begint de stam langzaam maar zeker zijn eigenschappen te verliezen.

Vervolgens heeft men het werk van Tanaka nog eens dunnetjes proberen over te doen, door de ginga in te kruisen met varianten van bijvoorbeeld de Vienna Emerald. Met name de Amerikaanse kweker Bias heeft daarbij de claim gemaakt van een nieuwe sub-stam te hebben gekweekt, die hij tot de ginga sulphureus heeft gedoopt. Alhoewel het vaak mooie vissen zijn, is deze claim overbodig: want het kantstaartje-patroon is reeds in de oor-spronkelijke ginga's aanwezig (zie foto's hierboven).Dat kant-staartje is één van de oerstammen van de gup zoals ik in de Genetiese Genealogie Tabel der Stammen heb uiteengezet, en die niet alleen aan de basis ligt van de Lace-tail bij Snakeskins, maar ook gedeeltelijk voorkomt bij de Vienna Emerald. Als een eigenschap reeds aanwezig was, moet men niet poneren dat men haar geïntroduceerd heeft.

Wat wel nieuw was, waren de kleurvarianten die men dan heeft verder ge-kweekt. Zie hierboven links voorbeelden van paarse, pink, "oranje" en groene ginga's. Het succes daarvan was betrekkelijk en natuurlijk afhanke-lijk van de eigen persoonlijke voorkeur, maar persoonlijk gaat mijn voor-keur uit naar de ginga pastel, waar een delikaat evenwicht tssen al deze kleuren aanwezig is (foto hierboven). Het toont ook de grote variatie-rijkdom aan die in de ginga aanwezig is. Tegelijk is zijn grootste kwaliteit ook zijn grootste probleem, want een ietsje-pietsje teveel inbreng van een ANDERE stam, en die subtiele balans is foetsie.

Hiernaast links een galerij van guppen die NIET op het label Ginga aan-spraak kunnen maken, met argumentatie van het waarom. De eerste is het produkt van een inkruising met een Bunt Vienna Emerald. Hij vertoont daardoor de groene caudale vlek overgaand in een geel kantstaartje, wat echter niet past bij de chocolade-kleur van het lichaam. De strepen zijn typiese meanders van de Vienna, maar dus onregelmatig van vorm. Kon-klusie: dit is een Vienna Emerald.
De gup daaronder kent dezelfde kruisingsachtergrond. Bij dit exemplaar zijn de strepen weliswaar wél mooi evenwijdig, maar hebben weg van een zebra (Zebrinus). Oranje rugvin is strikt gezien het enige wat van de ginga afkomstig is, en de groene glans op het voorlichaam is niet in harmonie met de rest van het kleurpatroon. Konklusie: dit is een Vienna Emerald.
Nummer 3 is weliswaar blond en vertoont mits wat goede wil 3 ginga-strepen. Maar de helft van het achterlichaam wordt ingenomen door de groene caudaal van Vienna + nog een eindje blauw. Konklusie: dit is een Ginga/Vienna.
Nummer 4 toont twee strepen van een Vienna aangevuld met een (zwak) groen caudaal. Het voorlichaam is dat van een Snakeskin. Alleen een minuskuul onderzwaardje verwijst naar mogelijke Endler. Konklusie: dit is een Snakeskin/Vienna.
Nummer 5 vertoont nog meer Snakeskin-invloed. Vier rode vlekken en de rugvin verwijzen naar een mogelijke Ginga-achtergrond. Konklusie: dit is een Snakeskin/Ginga.
De guppen daaronder vertonen een achterlichaam dat wijst in de richting van Ginga-invloed, maar het voorlichaam is dat van een ouderwetse wild-vorm. Konklusie: dit zijn gewone guppen met een Ginga/Vienna achterli-chaam.
Hetzelfde geldt voor het exemplaar aangekocht als "blauwe ginga". Blauw is het voorlichaam, maar dit heeft te maken met zijn verhaal als multi-co-lor gup. Zijn Ginga-verhaal is uiteengevallen in 3 onduidelijke rode dots, en zowel een verdeling donker/wit dat uiteeengevallen is en geen echt pa-troon meer maakt. Zijn staartvin verwijst naar een mogelijke kruising met een blauwgroene Dubbelzwaardstam. Konklusie: dit is een blauwe Dub-belzwaard/Ginga.
De grotere foto hieronder toont een paarsblauw exemplaar dat veelbelo-vend lijkt, maar naar alle waarschijnlijkheid een paar zware problemen kent voor een mogelijke verbetering. Het blauwe Pauwenoog op de staart-vin, en de rugvin roepen associaties op met Snakeskins van het eerste uur; wat ook de zwarte vlek midden het lichaam kan verklaren. Maar waarom heeft het voorlichaam geen enkele kleur? Als Asian Blau zou gebruikt zijn, is dit het beste wat men kan bereiken.

In devolgende reeks foto's op de linkerkant, is de Ginga-invloed wél nog duidelijk merkbaar, maar heeft de hierboven beschreven regressie toe-geslagen. Dit resulteert in Ginga-patronen die letterlijk "uit elkaar geslagen worden" tot losse tekeningen en figuren, (foto 1); tot een vermindering van de intensiteit van het patroon of de kleuren (foto 2): tot en met invoeging van andere patronen, waardoor de gup letterlijk een soort komposiet of lappedeken wordt. Soms vervloeien deze verschillende patronen in elkaar, maar blijft het resultaat een heterogeen "mengsel" dat onnatuurlijk aan-doet (foto 3). Soms zijn die verschillende patronen gekompartimenteerd volgens de verschillende segmenten van het lichaam. Op foto 4 kan men zo'n voorbeeld zien: de borstzone is gewoon multicolor; het middenli-chaam vertoont Ginga-eigenschappen; en het achterlichaam is dat van een Vienna. Foto 5 toont hoe het oorspronkelijke Ginga-patroon bij een blonde stam (vis onderaan) kan degraderen tot wat men Pidgeon Blood noemt.

Wil men de Ginga-eigenschappen niet verder laten verdwijnen, dan moet men voor de verdere kweek het onderste mannetje nemen. Het is geen pu-bliek geheim dat om een stam stabiel te houden, men voortdurend moet selekteren om ervoor te zorgen dat zijn vissen kwalitatief blijven. Slechts zo'n 20% van een worp is bruikbaar voor devolgende generatie. De scha-duwzijde van het selekteren is het elemineren, zoals ik dat in mijn artikel Guppykweek: selekteren en elemineren speciaal heb belicht. Volgens som-mige "puriteinen" is de Ginga geen echte" stam, omdat hij teveel variabili-teit kent. Technokraten en mensen die katholieker dan de paus willen zijn, kan men overal aantreffen, maar dit is larie. Het kweken van identieke clo-nen moge dan de natte droom van een guppy-designer én van een massale guppykweker zijn, maar de realiteit is dat dit NIET in het belang is van de vis zelf om tot gefixeerd genoom te komen. Ik heb dit probleem uitgelegd in Guppy: starre stammen of rijke variaties.

Misschien ben je tijdens het surfen op het Net over guppen al eens op on-derstaande foto gebotst. Je kan er heel wat foto's in herkennen die ook dit artikel hier sieren. Dan weet je meteen ook dat dit een werkstukje van mijn hand is : met monnikengeduld heb ik elke vis uit zijn oorspronkelike ach-tergrond "gesneden", om ze daarna naast elkaar op een zwarte achtergrond te plaatsen. Ik ben immers niet de enige die heeft opgemerkt dat de kleur-rijke guppies het best in hun kleurenpracht uitkomen, wanneer ze op een donkere achtergrond worden gezet of gefotografeerd. Maar goed, dit mini-tieuze werk heeft mij een 2 tal uren aandacht en precisie gekost. Het stoort me niet dat anderen zonder verzoek deze plaat hebben overgenomen, want dit is eigenlijk het bewijs dat ze die puik vonden. Ik heb mijn werkstuk zelfs al aangetroffen op een verkoopsite, foei haha! Ik heb het niet gesig-neerd omdat de guppen die erop staan niet "mijn" vissen waren, en ik dan ook vond dat ik er geen aanspraak op moest maken. Voor we te rigid begin-nen omspringen met "auteursrechten" of "eigendomsrechten" over foto's, moeten we ons realizeren dat we in de eerste plaats allen schatplichtig zijn aan ..... de guppy en de Natuur die deze prachtige visjes heeft gekreëerd. Met deze parade wou ik de kleurenrijkdom en variatierijkdom van de Gin-ga weergeven. Het is een ode aan de vis, en in zekere zin ook aan Tanaka, alhoewel ik met de man nooit kontakt heb gehad. Het is beter dat dingen met respekt en uit liefde worden gedaan, dan dat men te paard gaat zitten op zijn vermeende of ingebeelde "rechten". Ik ben geen bureaukraat; ik ben een natuur- en guppyliefhebber.